Vroeger werd het oud jaar uitgezongen en
het nieuwe jaar ingezongen.
Nieuwjaarzingen kwam vroeger in heel Nederland voor, en stamt af van de oude
Germaanse midwinterfeesten die duurden van half november tot half januari.
Men probeerde de goden gunstig te stemmen zodat de dagen na de kortste dag
(21 dec.) weer langer zouden worden.
De
geschiedenis
Koenckelen anno 1930 in de
Zanddwarsstraat
Nu gebeurt dit alleen nog op oudejaar, dan gaan de kinderen van 4 tot 12 jaar 's morgens langs de deuren met hun
koenckelpot en zingen hierbij oudejaarsliedjes.
In ruil voor hun gezang en muziek krijgen ze dan wat geld of snoep.

Koenckelen anno "Nu" in
Bekhof
Tot ver in de vorige
eeuw kwam het koenckelen nog voor op Zuid-Beveland (Zeeland).
Het
koenckelen was voorheen een verkapte vorm van bedelen en werd gezien als een
extraatje bovenop de dagelijkse verdiensten.